E-mail

Akte van statutenwijziging



R.K. Sportvereniging "Marathon" 
Gevestigd te Heerlen


Opgesteld door Notaris A.L.J.M. Muris te Kerkrade
d.d. 20 november 1986



Naam, zetel en duur

Artikel 1

De vereniging is genaamd:
R.K. Sportvereniging " Marathon " bij afkorting aangeduid met S.V. Marathon.
Zij is gevestigd te Heerlen.
De vereniging werd opgericht op 22 december 1947 en erkend door goedgekeuring van haar statuten bij koninklijk besluit van 31 maart 1969 nummer 79.
Vanaf de inwerkingtreding van de onderhavige statuten is de vereniging aangegaan voor onbepaalde tijd.


Doel

Artikel 2

De vereniging stelt zich ten doel, geïnspireerd vanuit de christelijke levensbeschouwing, de sportieve belangen van haar leden te behartigen en de sportbeoefening, in het bijzonder de beoefening van de gymnastiek- en turnsport voor de jeugd, te propageren en stimuleren.


Middelen

Artikel 3

De vereniging tracht dit doel te bereiken door:

a. Het op geregelde tijdstippen en onder deskundige leiding houden van oefeningen
    en geven van lessen in gymnastiek in al haar verschijningsvormen;

b. Het deelnemen aan en/of organiseren van wedstrijden en/of demonstraties;

c. Het lidmaatschap van een landelijke gymnastiekorganisatie;

d. Andere wettige middelen, welke voor het doel bevordelijk kunnen zijn.


Lidmaatschap

Artikel 4

1. De vereniging kent de navolgende categorieën leden:

    a. Jeugdleden, dit zijn natuurlijke personen welke bij het begin van het verenigingsjaar de
        de leeftijd van 16 jaar nog niet hebben bereikt en als zodanig door het bestuur zijn
        toegelaten;

    b. Senioren, dit zijn natuurlijke personen welke bij het begin van het verenigingsjaar de
        de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt en als zodanig door het bestuur zijn
        toegelaten;

    c. Bestuursleden, dit zijn natuurlijke personen welke bij het begin van het verenigingsjaar 
       de leeftijd van tenminste 18 jaar hebben bereikt en als zodanig door de algemene
       vergadering zijn benoemd.

2. De vereniging kent verder ereleden en begunstigers.

    a. Ereleden zijn natuurlijke personen welke wegens bijzondere verdiensten voor de
        vereniging op voorstel van het bestuur door de algemene vergadering als zodanig zijn
        benoemd;

    b. Begunstigers zijn natuurlijke personen of rechtspersonen welke met de doelstelling van
        de vereniging sympathiseren en daarvan blijk geven middels een financiële dan wel een
        stoffelijke bijdrage tegenover welke geen contraprestatie in welke vorm dan ook wordt
        verlangd.


Verkrijgen van lidmaatschap


Artikel 5

1. Degene die lid van de vereniging wil worden, geeft zich daartoe schriftelijk op bij een
    lid van het bestuur of leiding.
    Deze aanmelding dient te geschieden middels invulling van de daarvoor bestemde
    zogenaamde inschrijfformulier.

2.  Het bestuur beslist over de toelating.

3. Tegen het besluit van niet toelating is beroep mogelijk bij de algemene vergadering,
    welke alsnog tot toelating zal kunnen besluiten.

4. De vereniging is ingedeeld in groepen.
    Een als zodanig toegelaten lid wordt, zulks ter beoordeling van het bestuur, op basis van
    leeftijd, geslacht en tak van sport aan welke binnen de vereniging wordt deelgenomen,
    ingedeeld in één der betreffende groepen, dan wel, indien toelating verband houdt met
    noodzakelijke uitbreiding van technisch kader, als leidster dan wel leider van één of
    meerdere groepen, zulks eveneens ter beoordeling van het bestuur, aan het technisch
    kader toegevoegd. Het huishoudelijk regelement kan nadere regels met betrekking tot
    deze indeling bevatten.


Schorsing

Artikel 6

1. Het bestuur is bevoegd een lid te schorsen voor ten hoogste drie maanden, indien het
    bestuur niet voldoende termen aanwezig acht om tot ontzetting te besluiten.

2. gedurende de schorsingsperiode kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten
    niet worden uitgeoefend.

3. Van het besluit tot schorsing wordt betrokkene ten spoedigste met opgaven van
    reden(en) en schorsingstermijn schriftelijk in kennis gesteld.

4. Tegen een besluit tot schorsing is géén beroep mogelijk.


Einde van het lidmaatschap

Artikel 7

1. Het lidmaatschap eindigt door:
   
    a. Overlijden van het lid;
    
    b. Opzegging door het lid;
    
    c. Opzegging door het bestuur; deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden
       aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld, te voldoen, de 
       verplichtingen jegens de vereniging niet worden nagekomen dan wel redelijkerwijs van 
       de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren;
    
    d. Ontzetting: deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de
        statuten, regelementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op
        onredelijke wijze benadeelt;

2. Opzegging van het lidmaatschap kan te alle tijde geschieden zonder in achtneming van
    een opzegtermijn.

3. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
    Nadat het bestuur tot ontzetting heeft besloten, wordt betrokkene ten spoedigste
    schriftelijk van het besluit met opgave van reden(en) in kennis gesteld.
    Hem/haar staat binnen een maand na dagtekening van de kennisgeving beroep op de
    algemene vergadering open. Het beroep moet schriftelijk bij de secretaris worden
    ingediend.

4. Tenzij de betrokkene te kennen geeft, dat het beroep behandeld kan worden op de
    eerstvolgende door het bestuur voorgenomen algemene vergadering, roept het bestuur
    binnen één maand na ontvangst van het ingediende beroep een algemene vergadering
    bijeen ter behandeling van het beroep.
    De betrokkene wordt in de gelegenheid gesteld om zich tijdens de behandeling van het
    beroep op de algemene vergadering te verdedigen.
    Indien het beroep ongegrond wordt verklaard en indien de agenda van de betreffende 
    vergadering geen andere punten bevat dan de opening, notulen van de vorige
    vergadering, behandeling van het beroep, rondvraag en sluiting, is de betrokkene
    aansprakelijk voor de kosten voor het bijeenroepen en houden van de vergadering, tenzij
    de algemene vergadering anders beslist.
    Het besluit van de algemene vergadering tot ontzetting zal moeten worden genomen
    met ten minste 2/3 van het aantal uitgebrachte stemmen.

5. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is de betrokkene geschorst,
    evenwel met dien verstande, dat hij bevoegd is de algemene vergadering, waarin op het
    beroep wordt beslist, tijdens de behandeling van het beroep bij te wonen en het woord
    te voeren. Hij heeft echter geen stemrecht.

6. Wanneer het lidmaatschap in de loop van het verenigingsjaar eindigt geldt ten aanzien
    van de contibutieverplichting het gestelde in artikel 9, lid 5.


Geldmiddelen, rechten en verplichtingen

Artikel 8

1. De geldmiddelen van de vereniging worden verkregen uit subsidies, contributies,
    inschrijfgelden, erfstellingen, legaten, schenkingen en toevallige baten. 

2. Hebben leden, bestuurders gelden aan de vereniging geleend dan mag daarover niet
    meer dan een redelijke rente worden vergoed.

3. Aan geldmiddelen en andere activa van de vereniging mag geen andere bestemming
    worden gegeven dan ter bevordering van het doel van de vereniging.


Artikel 9

1. De leden betalen een eenmalig inschrijfgeld alsmede contributie welke jaarlijks door het    
   bestuur wordt vastgesteld en welke door indeling naar categorieën op grond van
   leeftijden, gezinssamenstelling of andere omstandigheden kan verschillen.

2. Het bestuur bepaalt op welke wijze en op welke datum uiterlijk aan de financiële 
    verplichtingen moet zijn voldaan.

3. Het bestuur kan, wanneer het naar zijn oordeel redelijk is, in incidentele bijzondere 
    gevallen besluiten, dat de door een lid verschuldigde contributie gedurende een door het
    bestuur te bepalen periode, geheel of gedeeltelijk niet zal worden ingevorderd. 

4. Personen, van wie het lidmaatschap een aanvang heeft genomen of is beëindigd of die
    zijn geschorst, zijn over het jaar waarin de aanvang, het einde of de schorsing plaats
    vindt, de contributie pro rato verschuldigd, tenzij het bestuur anders besluit, met dien
    verstande dat bij aanvang van het lidmaatschap vóór de 16e dag van enige maand
    contributie is verschuldigd over de gehele betreffende maand, bij aanvang van het 
    lidmaatschap op of na de 16e dag van enige maand contributie is verschuldigd ingaande
    de daaropvolgende maand en bij beëindiging van het lidmaatschap, dan wel schorsing 
    over de maand waarin beëindiging dan wel schorsing plaats heeft nog volledige
    contributie over die maand is verschuldigd.
    Het huishoudelijk regelement kan nadere gegevens met betrekking tot het inschrijfgeld en
    de contributie bevatten.

5. Onverminderd het overigens bij de wet of deze statuten bepaalde, hebben de leden, het
    recht om van de door het bestuur aan te wijzen faciliteiten en eigendommen van de
    vereniging gebruik te maken.
    Dit gebruik moet geschieden overeenkomstig de bestaande of nog te maken
    regelementen, besluiten en gebruiken, en eventueel onder de voorwaarden als door het
    bestuur zijn of zullen worden vastgesteld.


Bestuur

Artikel 10

1. Het bestuur bestaat uit ten minst 5 en maximaal 11 personen welke de leeftijd van 18
    jaar hebben bereikt.

2. De benoeming van bestuursleden geschiedt door de algemene vergadering uit een of
    meer bindende voordrachten. Tot het opmaken van zulk  een voordracht zijn bevoegd
    zowel het bestuur als ten minste 20 leden.
    De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld.
    De voordracht door 20 of meer leden moet vóór aanvang van de vergadering schriftelijk
    bij het bestuur worden ingediend.

3. Aan elke voordracht kan het bindende karakter worden ontnomen door het besluit van de
    algemene vergadering, mits dat wordt genomen met ten minste 2/3 van de uitgebrachte
    stemmen en mits minimaal 1/3 van alle stemgerechtigde leden op de vergadering
    vertegenwoordigd is.

4. Is geen voordracht of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het voorgaande   
    lid de opgemaakte voordrachten het bindende karakter te ontnemen, dan is de algemene
    vergadering vrij in de keus.

5. Is er meer dan één bindende voordracht, dan geschiedt de benoeming uit die
    voordrachten.


Artikel 11

1. De algemene vergadering kan een bestuurslid ontslaan, dan wel gedurende een door de
    algemene vergadering te bepalen periode van maximaal 3 maanden, schorsen, indien
    daartoe gegronde termen aanwezig worden geacht.
    Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste 2/3 van de 
    uitgebrachte stemmen.
    Een schorsing welke niet binnen 3 maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag,
    eindigt door het verloop van die termijn.

2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk 3 jaar na zijn benoeming af volgens een door het bestuur
    op te maken rooster van aftreden. Aftredende leden zijn terstond herbenoembaar. Wie in
    een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster van aftreden de
    plaats van zijn voorganger in. In tussentijdse vacatures wordt zo spoedig mogelijk
    voorzien.

3. Behoudens ontslag door de algemene vergadering eindigt het bestuurslidmaatschap
    voorts:

    a. Door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging;
   
    b. Door bedanken;

    c. Door de dood van het bestuurslid.


Artikel 12

1. Het bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en penningmeester aan,
    alsmede een vervanger voor elk van hen.
    De voorzitter, secretaris en penningmeester, of -bij hun afwezigheid- hun vervangers,
    vormen tezamen het dagelijks bestuur.


2. Het dagelijks bestuur bereidt de bestuursvergaderingen voor, voert de besluiten van de 
    bestuursvergaderingen uit en kan door het bestuur met specifiek aangeduide taken
    worden belast.

3. Van het verhandelde in elke vergadering van zowel bestuur als dagelijks bestuur, worden
    notulen opgemaakt die door het bestuur, casu quo dagelijks bestuur, worden vastgesteld
    en door twee leden van het bestuur, casu quo dagelijks bestuur worden ondertekend.


4. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regels met betrekking tot de vergaderingen en
    de besluitvorming door het bestuur en het dagelijks bestuur alsmede eventuele
    taakomschrijvingen worden gegeven.


Artikel 13

1. Het bestuur kan personeel benoemen en ontslaan. Het bestuur stelt instructies vast voor
    het personeel en bepaalt de salarissen. Het neemt daarbij de wettelijke regelingen in
    acht.


2. Het bestuur is bevoegd een functionaris te benoemen aan wie, onder
    verantwoordelijkheid van het bestuur, de algehele dagelijkse leiding wordt opgedragen.


Artikel 14

1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen
    van de vereniging.
De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de
    voorzitter, dan wel bij ontstentenis diens plaatsvervanger, tesamen met de secretaris of
    penningmeester dan wel bij ontstentenis diens plaatsvervangers.

2. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering bevoegd tot het
    sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van 
    registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of
    hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor 1/3 sterk maakt of zich tot
    zekerheidsstelling voor een schuld van 1/3 verbindt.  

3. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten
    tot:
 
    a. Het aangaan van geldleningen; 

    b. Het aanvaarden of verwerpen van erfstellingen of legaten; 
        Erfstellingen kunnen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van 
        boedelbeschrijving.

4. Voor het kopen, verkopen, vervreemden of bezwaren van niet registergoederen behoeft
    het bestuur geen goedkeuring van de algemene vergadering.



Bestuursvergaderingen

 
Artikel 15

1. Het bestuur vergadert zo dikwijls als het dagelijks bestuur dit nodig acht of tenminste
    twee bestuursleden dit schriftelijk of mondeling verzoeken. Aan dit verzoek moet binnen
    twee weken zijn voldaan.

2. De secretaris of degene, die hem als zodanig vervangt, roept door middel van toezending
    van convocaties op tot de vergaderingen onder opgave van agendapunten.
Hij is verplicht
    een bepaald onderwerp op de agenda te plaatsen op verzoek van tenminste twee
    bestuursleden.

3. De voorzitter of zijn plaatsvervanger heeft de bevoegdheid de beraadslaging over een
    aan de orde zijnd onderwerp te sluiten tenzij het bestuur in meerderheid anders besluit.

4. Bij staken van stemmen wordt herstemd. Indien dan de stemmen weer 
    staken, wordt in de eerst volgende bestuursvergadering, welke binnen een maand
    moet worden gehouden maar niet eerder dan acht dagen na die waarin de
    stemmen staakten, nogmaals gestemd. In geval de stemmen dan wederom staken,
    beslist de voorzitter of zijn plaatsvervanger.  

5. De secretaris of zijn plaatsvervanger houdt notulen bij, tenzij het bestuur besluit te
   volstaan met een besluitenlijst. De notulen casu quo de besluitenlijst worden door het
   bestuur vastgeste1d.


Artikel 16

1. Het bestuur is bevoegd commissies samen te stellen die, onder verantwoordelijkheid van
    het bestuur, het bestuur van advies dienen op bepaalde onderdelen van zijn taak.
    In situaties waarin een bepaalde deskundigheid in de samen te stellen commissie
    wenselijk wordt geacht, doch binnen de eigen leden niet beschikbaar is, is het bestuur 
    bevoegd maximaal één terzake deskundig geacht niet-lid in de samen te
    stellen commissie zitting te doen nemen.

2. Het bestuur kan ook de uitvoering van bepaalde onderdelen van bestuur aan de
    commissies opdragen.


Geestelijk Adviseur

Artikel 17

Het bestuur kan terzijde worden gestaan door een geestelijke die door de kerkelijke overheid in overleg met het bestuur wordt benoemd en ontslagen. Zijn taak is het de contacten en 
de samenwerkingsvormen met de kerkelijke overheid te onderhouden en te bevorderen en aan de verwezenlijking van de eigen doeleinden der vereniging de medewerking vanwege het geestelijk ambt te verlenen.


Financiële jaarstukken


Artikel 18

1. Het verenigingsjaar of boekjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
   
2. Op uiterlijk 15 oktober van ieder jaar legt het bestuur aan de algemene vergadering
    zijn begroting voor het daaropvolgende verenigingsjaar voor.
Met toestemming van de
    algemene vergadering kan een later tijdstip worden vastgesteld.
    De algemene vergadering stelt die begroting op een speciaal daartoe bijeengeroepen
    vergadering vast.

3. Het bestuur voert een administratie die zodanig is ingericht dat deze te allen tijde
    een volledig inzicht verschaft omtrent het geheel van de werkzaamheden van de
    vereniging en dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden
    gekend.

4. Binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar brengt het bestuur op een
    algemene vergadering zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van de nodige
    bescheiden, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen verenigingsjaar
    gevoerd bestuur. De algemene vergadering kan die termijn van zes maanden verlengen.


Algemene vergadering

Artikel 19

1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe die niet
    door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.

2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene
    vergadering -de jaarvergadering- gehouden. De algemene vergadering kan deze termijn
    verlengen. In de jaarvergadering komen aan de orde:
 
    a. Het jaarverslag en de rekening en verantwoording als bedoeld in artikel 18 lid 4.

    b. Voorziening in eventuele vacatures, voor zover die aan de algemene vergadering is
        voorbehouden.

3. De algemene vergadering benoemt jaarlijks een kascommissie bestaande uit twee leden
    die geen deel mogen uitmaken van het bestuur, tot onderzoek van de rekening en 
    verantwoording over het laatst verstreken boekjaar.                                                      
    De leden van de kascommissie treden volgens een op te maken rooster af en zijn 
    aansluitend slechts éénmaal herkiesbaar.
    De commissie brengt op de jaarvergadering verslag uit van haar bevindingen. Indien het
    onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis vereist, kan de commissie zich, na
    goedkeuring door de algemene vergadering, door een deskundige doen bijstaan.


4. Het bestuur is verplicht aan de kascommissie alle door haar gewenste inlichtingen te 
    verschaffen, haar de kas en de waarden der vereniging te tonen en inzage in de
    boeken en bescheiden van de vereniging te geven.

5. Goedkeuring door de algemene vergadering van het jaarverslag en de rekening en 
    verantwoording strekt het bestuur tot décharge.

 6. Indien de goedkeuring van de rekening en verantwoording wordt geweigerd, benoemt
     de algemene vergadering een andere commissie bestaande uit tenminste drie leden, die
     geen deel mogen uitmaken van het bestuur, welke de rekening en verantwoording 
     opnieuw onderzoekt. Deze commissie heeft dezelfde bevoegdheden als de eerder 
     benoemde commissie.
Binnen een maand na de benoeming brengt zij aan de algemene
     vergadering verslag uit van haar bevindingen.
     Indien ook dan de goedkeuring wordt geweigerd, neemt de algemene vergadering al die
     maatregelen, welke door haar in het belang van de vereniging nodig geacht worden.

 
7. Uiterlijk 15 oktober van ieder jaar wordt een algemene vergadering gehouden waarin de 
    begroting voor het daarop volgend verenigingsjaar wordt vastgesteld. Met toestemming
    van de algemene vergadering kan deze vergadering op een later tijdstip worden
    gehouden.


8. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk
    oordeelt.

 

9. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als
    bevoegd is tot het uitbrengen van een tiende/gedeelte der stemmen verplicht een
    algemene vergadering bijeen te roepen op een termijn van niet langer dan vier weken.
    Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven kunnen de 
    verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze waarop het bestuur
    overeenkomstig artikel 23 de algemene vergaderingen bijeenroept of bij advertentie in 
    ten minste één dag- of weekblad dat in de plaats waar de vereniging gevestigd is veel    
    wordt gelezen.


Artikel 20

1. Alle leden hebben toegang tot de algemene vergadering.

2. Over toelating van anderen dan de in lid 1. genoemde personen beslist het bestuur.

3. Ieder lid dat niet geschorst is heeft één stem.

4. Ieder jeugdlid als genoemd in artikel 4 lid 1 sub a. is bevoegd zijn stem te doen
    uitbrengen door zijn/haar wettelijk vertegenwoordiger, welke zich als zodanig dient te
    legitimeren en in zijn/haar hoedanigheid als wettelijk vertegenwoordiger maximaal een
    jeugdlid mag vertegenwoordigen.

5. Voor de leden als genoemd in artikel 4 lid 1 sub b. en c. is stemmen bij volmacht niet
    toegestaan, zij dienen hun stem persoonlijk uit te brengen.

6. Een lid als genoemd in artikel 4, lid 1 sub b. en c. welk ter algemene vergadering als
    wettelijk vertegenwoordiger tevens een jeugdlid conform het bepaalde in artikel 20, lid 4
    vertegenwoordigd, kan op de algemene vergadering maximaal twéé stemmen uitbrengen.

7. Een lid heeft géén stemrecht over zaken die hem/haar, zijn/haar echtgenote/echtgenoot
    of één van zijn/haar bloedverwanten in de rechte lijn persoonlijk betreffen.



Artikel 21

1. De voorzitter van het bestuur leidt de algemene vergadering. Ontbreekt de voorzitter dan
    wijst het bestuur uit zijn midden een voorzitter aan. Wordt ook op deze wijze niet in het
    voorzitterschap voorzien, dan wijst de vergadering zelf een voorzitter aan.

2. Van het verhandelde in elke vergadering wordt door de secretaris of, bij diens
    afwezigheid, door diens plaatsvervanger notulen gemaakt. Deze notulen worden in de
    volgende bijeenkomst van de algemene vergadering vastgesteld. De inhoud van de
    notulen wordt ter kennis van de leden gebracht.


Artikel 22

1. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen worden alle besluiten van de
    algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte
    stemmen.

2. Blanco stemmen en ongeldige stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.


3. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk bij gesloten
    ongetekende briefjes. De algemene vergadering kan tot een andere wijze van stemmen
    besluiten.

4. Heeft bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid gekregen, dan
    heeft een tweede stemming plaats, of in geval van een bindende voordracht, een tweede
    stemming tussen de voorgedragen kandidaten. Heeft dan opnieuw niemand de volstrekte
    meerderheid verkregen dan vindt een herstemming plaats tussen de twee personen die
    bij de laatste stemming de meeste stemmen hebben verkregen. Komen ten gevolgd van
    een gelijk aantal stemmen meerdere personen in aanmerking dan heeft tussen deze allen
    een herstemming plaats. Bij herstemming is gekozen degene die de meeste stemmen
    verwerft.

5. Staken de stemmen over zaken dan is het voorstel verworpen staken de stemmen over
    personen dan beslist het lot.

6.
Het aannemen van voorstellen bij acclamatie is mogelijk tenzij een stemgerechtigde
    hoofdelijke stemming verlangt.

7. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen,
    heeft, mits, met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van
    algemene vergadering.



Artikel 23

1. De algemene vergadering wordt bijeengeroepen door het bestuur met inachtneming van
    een termijn van minimaal veertien dagen, de dag van oproeping en van de
    vergadering 
niet meegerekend. De bijeenroeping geschiedt door een aan alle leden te
    doen toekomen schriftelijke kennisgeving en/of per advertentie in een plaatselijk dag- of
    weekblad.

2. De kennisgeving bevat de vermelding van tijd en plaats van de te houden vergadering
    alsmede de agenda met inachtneming van hetgeen in dit artikel is bepaald.

3. De agenda van een algemene vergadering wordt door het bestuur vastgesteld.


4. De agenda van de jaarvergadering bevat tenminste de volgende punten:
 
    a. Vaststellen van de notulen van de vorige algemene vergadering;

    b. Verkiezing van bestuursleden;
 
    c. Jaarverslag, door het bestuur over het afgelopen boekjaar, casu quo het jaarverslag
       van de secretaris;
 
   d. Rekening en verantwoording door het bestuur over het in het afgelopen boekjaar
       gevoerde bestuur;

   e. Verslag van de bevindingen van de kascommissie;

    f. Benoeming van de kascommissie.

5. Op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als tezamen bevoegd is
    tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte der stemmen in een algemene vergadering, is
    het bestuur verplicht een door die leden ingediend punt of voorstel op de agenda van de
    algemene vergadering te plaatsen, mits zodanig verzoek wordt ontvangen tenminste tien
    dagen vóór de algemene vergadering, de dag van ontvangst en van de vergadering niet
    meegerekend.

6. Wordt een verzoek om een punt of voorstel op de agenda van de algemene vergadering
    te plaatsen niet ontvangen binnen de in lid 5 van dit artikel genoemde termijn, kan het
    bestuur alsnog besluiten het opgegeven punt of voorstel op de agenda te plaatsen
    waarbij de algemene vergadering evenwel dient te beslissen of het opgegeven punt of
    voorstel in de betreffende algemene vergadering wordt behandeld.

7. Een punt of voorstel als bedoeld in lid 5 van dit artikel, welke op besluit van de algemene
    vergadering niet in behandeling wordt genomen, wordt dientengevolge automatisch op
    de agenda van de eerstvolgende vergadering geplaatst.


Referendum

1. Het bestuur is te allen tijde bevoegd om een door de algemene vergadering genomen 
    besluit aan een referendum te onderwerpen. Voorts is het bestuur verplicht een
    referendum te houden indien de algemene vergadering daarom vraagt. Wenst het
    bestuur tot een referendum over te gaan dan deelt het dat op de vergadering, waar het
    betreffende besluit is genomen, mede.

2. Het referendum vindt plaats uiterlijk binnen vier weken na de vergadering waarin het
    betreffende besluit is genomen, door schriftelijke raadpleging van alle leden.

3. Het besluit dat aan het referendum wordt onderworpen wordt letterlijk aan de leden
    meegedeeld. Uiterlijk binnen vier weken verklaren de leden zich schriftelijk voor of tegen
    het besluit.

4. Het besluit van de algemene vergadering wordt door het referendum ter zijde gesteld
    wanneer ten minste drie/vierde van de leden aan het referendum hebben deelgenomen
    en tenminste twee/derde van die leden zich tegen het betreffende besluit hebben
    verklaard.

5. Hangende de uitslag van het referendum wordt de uitvoering van het desbetreffende
    besluit geschorst.


Statutenwijziging


Artkel 25

1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een
    besluit van een algemene vergadering waartoe is opgeroepen met de mededeling dat
    aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
Tussen de dag van oproeping
    en dag van de vergadering moeten tenminste zeven dagen liggen.  

2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot
    statutenwijziging hebben gedaan moeten tenminste vijf dagen vóór de vergadering een
    afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen op
    een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag
    waarop de vergadering wordt gehouden.

3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee/derde van de uitgebrachte
    stemmen.

4. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 is niet van toepassing indien in de algemene
    vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot
    statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.

5. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is
    opgemaakt. Bij het besluit tot statutenwijziging kan de inwerkingtreding daarvan ook op
    een later tijdstip worden bepaald.

6. Het bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de akte van wijziging alsmede de
    gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het openbaar verenigingsregister
    gehouden door de Kamer van Koophandel en Fabrieken binnen welker gebied de
    vereniging is gevestigd. Aan de leden wordt op hun verzoek een afschrift van de statuten
    ter hand gesteld.


Ontbinding

Artikel 26

1. De vereniging wordt ontbonden:

    a. Door een daartoe strekkend besluit van de algemene vergadering;

    b. Door insolventie, nadat zij in staat van faillissement is verklaard of door opheffing van
        het faillissement wegens de toestand van de boedel;

    c. Door de rechter in de gevallen in de wet bepaald;
 
    d. Door het geheel ontbreken van leden.

2. Op een besluit tot ontbinding van de vereniging is het in de leden 1, 2, 3 en 4 van het
    voorgaande artikel bepaalde van overeenkomstige toepassing.

3. Bij ontbinding zal de vereffening geschieden door een of meer vereffenaars, aangewezen
    door de algemene vergadering. Zijn geen vereffenaars aangewezen dan geschiedt de  
    vereffening door het bestuur.

4. De algemene vergadering bepaalt tevens de wijze van afwikkeling met inachtneming van
    artikel 23 van Boek II van het Burgerlijk Wetboek.

5. Een batig saldo wordt bestemd overeenkomstig de normstellingen van de
    vereniging.        

6. De vereniging blijft na haar ontbinding voortbestaan voorzover dit voor de vereffening van
    haar vermogen nodig is.


Regelementen

Artikel 27

1. Het bestuur van de vereniging kan een huishoudelijk reglement vaststellen waarin de
    regels welke een ordelijke organisatie moeten waarborgen, worden vastgelegd. 
    Veranderingen in het huishoudelijk reglement kunnen worden doorgevoerd na een
    bestuurlijk besluit.

2. Een huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet, noch met de statuten.